Dit weekend staan op een grote camperbeurs in Overijssel honderden campers te koop. Dealers showen vooral gebruikte modellen op basis van Fiat Ducato, Ford Transit en Mercedes-Benz Sprinter. Toch twijfelen veel bezitters en kopers, omdat de kosten van rijden en stallen oplopen. Dat zet de tweedehands campermarkt in Nederland onder druk.
Tweedehands campermarkt koelt af door kosten
Na jaren van sterke vraag tijdens en na de coronaperiode, keert de balans op de tweedehands campermarkt terug. Er is meer aanbod, maar niet elke wagen vindt snel een nieuwe eigenaar. Partijen op de beurs merken dat kijkers kritischer zijn op totaalkosten, van brandstof tot verzekering.
Brancheorganisatie BOVAG ziet al langer dat de markt normaliseert na de piek in 2021 en 2022. Vooral oudere dieselcampers krijgen meer concurrentie van jongere exemplaren die weer beter beschikbaar zijn. Daardoor ontstaat onderhandelingsruimte, maar niet altijd lagere vraagprijzen.
Voor verkopers speelt twijfel: nu verkopen, of nog één seizoen doorrijden? Veel eigenaren rekenen eerst de vaste lasten door voordat zij beslissen. Dat remt het aantal directe transacties op de beursvloer.
Brandstofprijs en onderhoud drukken budget
De hogere dieselprijs weegt zwaar in de rekensom, zeker bij grote halfintegralen en alkoofmodellen. Ook onderhoud, banden en stalling zijn duurder dan enkele jaren geleden. Dat maakt langere vakanties met de camper merkbaar kostbaarder.
BOVAG: in 2024 zijn er ruim 180.000 campers op Nederlands kenteken.
Daarnaast vraagt modernere techniek om specialistisch onderhoud. Denk aan AdBlue-systemen en geavanceerde veiligheidselektronica. Dat vergroot de rekening bij garages, al helpt dealeronderhoud wel bij doorverkoop.
Wie een camper financiert, merkt bovendien dat de hogere rente doorwerkt in de maandlasten. Op het moment van schrijven liggen de totale gebruikskosten hoger dan rond 2020. Kopers nemen daarom meer tijd voor vergelijking tussen merken en bouwjaren.
Wegenbelasting camper stijgt met gewicht
De wegenbelasting (motorrijtuigenbelasting) voor campers wordt berekend met een zogenoemd kwarttarief, maar het gewicht blijft doorslaggevend. Zwaardere voertuigen betalen fors meer per kwartaal. Op het moment van schrijven loopt dat, afhankelijk van gewicht en provincie, op tot honderden euro’s per kwartaal.
Vooral bij campers boven de 3.000 kilo speelt dit mee in de keuze voor een model. Een lichtere buscamper op basis van Fiat Ducato of Citroën Jumper kan daardoor aantrekkelijker zijn in vaste lasten. Dat effect zien dealers terug in de vraag op de beurs.
Let op dat registratie als personenauto (M1) of bedrijfsauto (N1) invloed heeft op belasting en toegang tot steden. De RDW, de Nederlandse Dienst Wegverkeer, registreert de voertuigcategorie bij toelating. Dat bepaalt mede de regels die voor het voertuig gelden.
Milieuzones beperken oudere dieselcampers
Steeds meer Nederlandse steden hanteren een milieuzone voor dieselpersonenauto’s. Campers met een lagere Euro-emissieklasse hebben daardoor minder toegang; de Euro-emissieklasse geeft aan hoe schoon de motor is. Dat raakt vooral oudere modellen uit de jaren 2000 en vroege 2010’s.
Voor veel camperaars is stedelijke toegang geen hoofddoel, maar het beperkt wel opties voor stedentrips. Daarnaast kondigen Europese steden geregeld strengere regels aan. Wie nu koopt, kijkt daarom vaker naar Euro 6-diesels of alternatieven.
Zero-emissiezones gelden voorlopig vooral voor bestelauto’s in binnensteden, maar het beleid verschilt per gemeente. Dit zorgt voor onzekerheid over toekomstige toegang. Op de beurs leidt dat tot meer vragen over bouwjaar en emissienorm.
Voorraad Fiat Ducato-campers trekt bij
De leverproblemen bij basisvoertuigen namen in 2024 af. Daardoor komen er weer meer jongere campers op de markt, vaak op basis van Fiat Ducato, Peugeot Boxer en Ford Transit. Dat vergroot de keuze in buscampers en halfintegralen met recente bouwjaren.
Ook accessoires en indelingen zijn weer beter leverbaar, van zonnepanelen tot lithiumaccu’s. Dat maakt gebruikte voertuigen met moderne uitrusting gewilder. Dealers spelen daarop in met rijklaarpakketten en BOVAG-garantie.
Voor de Nederlandse rijder betekent dit: meer aanbod, maar scherpere selectie op kosten en emissie. De prijs alleen beslist niet meer; totale gebruikskosten en stedelijke toegang tellen zwaarder. Dat verklaart waarom veel beursbezoekers nog even wachten met tekenen.









