Oliver Bearman, talent van Ferrari en testcoureur bij Haas, kijkt met gezonde jaloezie naar de F1-kans van Red Bull-junior Isack Hadjar. In recente mediaoptredens in de Formule 1-paddock zegt hij dat hij geduldig blijft en zijn eigen moment afwacht. De aandacht verschuift nu teams keuzes maken richting 2025 en het FIA-motorreglement 2026 gevolgen teams geeft voor planning en ontwikkeling. Red Bull en Haas spelen hierin elk hun eigen opleidingsrol.
Bearman houdt geduld
De Brit maakte indruk met zijn invalbeurt voor Ferrari in Jeddah 2024, waar hij punten pakte. Toch ziet hij hoe leeftijdgenoot Hadjar sneller zicht krijgt op meer F1-ritten. Bearman noemt dat “jaloersmakend”, maar benadrukt dat hij zich richt op zijn eigen traject. Hij traint, test en blijft beschikbaar voor kansen in de paddock.
Bij Haas kreeg Bearman al meerdere test- en trainingskilometers, wat belangrijk is voor ervaring in een F1-auto. Het Amerikaanse team werkt technisch nauw samen met Ferrari en gebruikt jonge coureurs vaak in vrije trainingen. Zo kan Bearman wennen aan procedures, bandenmanagement en langere runs. Dat vergroot zijn waarde bij toekomstige zitjes.
Bearman ziet de concurrentie als motivatie, niet als tegenslag. Hij wijst erop dat stoeltjes vaak verschuiven door prestaties én timing. Dat geldt zeker in jaren met reglementsveranderingen, wanneer teams vroeg duidelijkheid willen. Zijn doel is helder: basis leggen, foutloos werken en klaarstaan.
“Ik ben jaloers, maar mijn tijd komt nog wel.” — Oliver Bearman
Red Bull geeft Hadjar kans
Isack Hadjar stroomde door via het Red Bull Junior Team en kreeg snel zichtbare momenten. Hij reed meerdere vrije trainingen en tests bij RB, het zusterteam van Oracle Red Bull Racing. Zulke kilometers zijn cruciaal om engineers te overtuigen. Red Bull gebruikt die sessies om snelheid én feedbackkwaliteit te meten.
RB, gevestigd in Faenza en het VK, fungeert als springplank voor talent. Het team kan rookies laten groeien zonder directe druk van een titelgevecht. Dat past bij de Red Bull-filosofie: snel selecteren, vroeg evalueren, hard bijsturen. Voor Hadjar betekende dat concrete minuten en zicht op meer.
Hadjar bouwde zijn superlicentiepunten op in Formule 2 en andere opstapklassen. Die punten zijn nodig om in de Formule 1 te racen. Red Bull gaf hem daarnaast programma’s in de simulator om racevoorbereiding te verdiepen. Zo ontstaat een compleet beeld van zijn potentieel.
FIA-regels sturen debuten
Teams moeten sinds 2022 minstens twee vrije trainingen per jaar aan een rookie geven. Een rookie is een coureur met maximaal twee Grands Prix ervaring. Deze FIA-regel geeft talenten als Bearman en Hadjar toegang tot officiële sessies. Het helpt teams tegelijk om jong bloed te vergelijken op hetzelfde circuit en moment.
De FIA-superlicentie eist 40 punten uit opstapklassen als F2 en F3. Zo waarborgt de bond basiservaring en veiligheid voordat iemand een F1-race rijdt. Voor talenten draait het daarom om presteren in juniorreeksen én foutloze testdagen. Elk punt en elke kilometer telt richting een vast stoeltje.
De budgetcap maakt rookietijd extra waardevol. Fouten kosten schaarse middelen, dus consistentie weegt zwaar in evaluaties. Daarom plannen teams korte, gerichte runs met duidelijke meetdoelen. Dat versnelt leren zonder onnodig risico.
Ferrari en Haas als leerschool
Ferrari’s fabrieksteam is doorgaans stabiel bezet, waardoor de leercurve vaak bij Haas ligt. Haas gebruikt Ferrari-motoren en deelt componenten binnen de regels, wat de overstap voor junioren logischer maakt. Voor Bearman betekent dat herkenning in procedures en afstelling. Dat kan later minuten winst opleveren bij een eventuele fabriekspromotie.
Haas richt zich op punten in het middenveld, waar track limits, bandenloop en pitstops zwaar meetellen. Dat dwingt rookies om race-intelligentie te ontwikkelen. Bearman past zijn rijstijl daarom aan op bandenslijtage en brandstofmanagement. Zo bouwt hij vertrouwen op bij engineers en strateeg.
Voor Ferrari is dit model efficiënt binnen het kostenplafond. Jong talent test in reële omstandigheden, zonder dat het fabrieksteam risico’s hoeft te nemen. Het levert data én een scherper selectieproces op. Bearman staat daarmee duidelijk in beeld.
Focus op 2026-reglement
In 2026 stappen teams over op nieuwe krachtbronnen: meer elektrische power en duurzame brandstof. Ook komt er actieve aerodynamica om drag te verlagen, eenvoudig gezegd minder luchtweerstand op rechte stukken. Deze veranderingen vragen om andere rijtechniek en energiemanagement. Daarom willen teams rijders al in 2025 inwerken.
De gevolgen voor teams zijn groot in ontwikkelingstijd en correlatie met de simulator. Coureurs die constant feedback geven, versnellen de ontwerplus. Dat kan in 2026 het verschil maken in motorrendement en balans. Zowel Red Bull als Ferrari stuurt daar hard op aan.
Voor Bearman en Hadjar is timing dus essentieel. Vroege integratie betekent sneller begrijpen hoe ERS en aero samenwerken. Dat bespaart kostbare testuren wanneer het nieuwe pakket komt. Wie nu kilometers maakt, plukt straks de vruchten.
Nederlandse blik op Red Bull
De keuzes bij Red Bull en RB krijgen extra aandacht in Nederland door Max Verstappen. Fans zien hoe het opleidingsmodel doorwerkt in beide teams. Hadjars kansen en Bearmans route via Haas kleuren het rijdersveld rond de Nederlander indirect. Het bepaalt wie straks naast, achter of tegenover hem racet.
Met Zandvoort op de kalender blijft rookietalent ook voor de Nederlandse GP relevant. Het circuit vraagt precieze tractie en bandenbehoud, wat jonge coureurs test. Teams gebruiken zulke weekenden om mentale weerbaarheid te meten. Dat telt mee in beslissingen over contracten.
Ook voor sponsors en fabrikanten in de Benelux is dit interessant. Zichtbaarheid van talent in FP1 of een invalbeurt vergroot de marktwaarde. Het verbindt marketing met prestatie op de baan. Zo raken sport, techniek en economie elkaar in de Formule 1.









