McLaren-coureur Lando Norris maakt zich zorgen over het tempo van zijn team. Na recente sessies op het circuit zegt hij dat de MCL niet in de buurt komt van de kop. Vooral de snelheid over langere runs valt tegen. Het team zoekt naar oplossingen in de afstelling.
Norris ziet groot gat
Norris schetst een duidelijk beeld van het huidige niveau. Hij vergelijkt de rondetijden met de snelste teams en ziet een fors verschil. Dat verschil is zichtbaar in verschillende fases van een weekend, zowel met weinig als met veel brandstof.
“We komen niet eens in de buurt.” — Lando Norris
De Brit benadrukt dat er werk aan de winkel is. Het gat naar de voorste auto’s blijft groter dan gehoopt. Volgens Norris is het nodig om snel stappen te zetten om weer mee te kunnen doen om de podiumplekken.
Kwalificatie en racepace
De balans tussen snelheid op één ronde en tempo in de race speelt een grote rol. Teams kunnen in de kwalificatie met frisse banden pieken, maar in de race telt constante snelheid en bandenslijtage zwaarder. Norris ziet juist daar het grootste verschil met de top.
McLaren richt zich op het verbeteren van de lange runs. Dat begint bij een stabiele afstelling die de banden beter houdt over meerdere ronden. Kleine aanpassingen kunnen, binnen de FIA-regels en het budgetplafond, al snel meetbare winst opleveren.
Reactie binnen het team
Binnen McLaren ligt de focus op het maximaal benutten van de huidige pakket. Engineers analyseren data uit de vrije trainingen en races om grip, tractie en efficiëntie te verbeteren. De prioriteit ligt bij voorspelbaar gedrag van de auto, zodat coureurs constanter kunnen rijden.
De timing van deze inspanningen is belangrijk. In een krap veld, waarin verschillen vaak enkele tienden zijn, kan een kleine stap het verschil maken in kwalificatie en strategie. Daarmee wil McLaren het gat naar de voorhoede stap voor stap verkleinen.









