Mercedes-coureur George Russell sprak deze week openlijk zijn verbazing uit over de stap die Aston Martin de voorbije seizoenen heeft gezet. Vooral het werk van Fernando Alonso met de groene auto viel hem op. De Brit ziet hoe de coureur meer uit de auto haalt dan velen verwachten. De opmerkingen raken direct aan het FIA-motorreglement 2026 en de gevolgen voor teams als Mercedes en Aston Martin.
Russell prijst Alonso-effect
Russell benadrukte dat Alonso het maximale uit de Aston Martin weet te halen. De Spanjaard pakte in 2023 acht podiumplaatsen met de AMR23. Dat was een duidelijk signaal dat de auto én de coureur competitief waren. Voor Russell is dat een referentie voor wat nodig is om voorin te blijven.
De Mercedes-rijder wijst op het verschil dat een coureur kan maken in set-up en bandenmanagement. Set-up is de afstelling van de auto voor grip, balans en snelheid. Alonso lijkt daar volgens hem het verschil te maken, vooral in de race. Dat vergroot de druk op rivalen om elke detail te optimaliseren.
“Wat hij met die auto gedaan heeft…” — George Russell over Alonso bij Aston Martin
Voor Mercedes is dit een nuttige spiegel. Het team ziet dat niet alleen downforce en motorvermogen tellen, maar ook hoe snel een auto af te stellen is op wisselende omstandigheden. Zeker met langere stints en slijtage van de Pirelli-banden blijft het rijdersgevoel doorslaggevend. Russell koppelt die les aan de korte- én middellange termijn.
Aston Martin zet lijn door
Aston Martin bouwde sinds 2023 gestaag door aan auto, fabriek en processen. Het team in Silverstone investeerde in mensen en ontwikkelingstools, zoals simulatie en aerodynamica. Dat leverde sneller updates op tijdens het seizoen. De stijgende lijn gaf Alonso en Lance Stroll vaker een kans op Q3 en punten.
De Britse renstal focust op tractie uit langzame bochten en stabiliteit bij remmen. Dat maakt de auto voorspelbaar voor de coureurs, wat fouten beperkt. In het gevecht in de middenmoot is dat essentieel. Kleine marges leveren daar direct posities op.
Russells reactie onderstreept dat concurrenten Aston Martin serieus nemen. Het team werd in 2023 vijfde bij de constructeurs, na sterke start en zwaardere zomer. Toch blijft de basis stevig genoeg om te profiteren van fouten van topteams. Dat maakt Aston Martin een vaste graadmeter in 2026-aanloopjaren.
FIA-motorreglement 2026 gevolgen
In 2026 veranderen krachtbronnen en chassis ingrijpend onder FIA-regels. De MGU-H verdwijnt, terwijl de elektrische aandrijving via de MGU-K toeneemt naar circa 350 kW. De verdeling wordt ruwweg 50/50 tussen verbrandingsmotor en elektriciteit. Daarnaast komt er 100% duurzame benzine, bedoeld om CO₂-uitstoot te verlagen.
De auto’s krijgen minder luchtweerstand en downforce, met smallere banden en actieve aerodynamica. Actieve aero is een verstelbaar vleugelsysteem dat de luchtstroom aanpast voor bochten of rechte stukken. DRS maakt plaats voor een nieuw inhaalsysteem met extra elektrische ontlading. Teams moeten de energie-opbouw en -afgifte dus fijner balanceren.
Voor Europese beleidsdoelen sluit dit aan op de CO₂-plannen en de e-fuels-route binnen de EU na 2035. Fabrikanten kunnen technologie voor duurzame brandstoffen en elektrificatie versneld testen in de F1. Dat maakt de sport een proeftuin voor schonere mobiliteit. Op het moment van schrijven sluiten de FIA-eisen aan bij die bredere koers.
Wat dit vraagt van Mercedes
Russell ziet dat Mercedes zowel auto als organisatie wendbaarder moet maken richting 2026. Wendbaarheid betekent sneller updates testen, data lezen en beslissen. De les van Aston Martin: een stabiel venster voor de coureur levert direct resultaat op. Dat vraagt om heldere keuzes in aerodynamica, ophanging en bandenstrategie.
Ook de krachtbron en koeling moeten opnieuw worden verpakt voor de grotere elektrische rol. Packaging is hoe onderdelen compact en efficiënt in de auto passen. Een goed ontwerp bespaart gewicht en weerstand, en helpt de accu sneller laden en ontladen. Dat komt rechtstreeks ten goede aan rondetijd en racepace.
Voor Nederlandse fans is dit relevant richting Zandvoort, waar tractie, bochtensnelheid en energiemanagement samenkomen. Teams die 2026 vroeg begrijpen, profiteren al in de overgangsjaren. Russell legt daarmee de lat voor Mercedes en de rest van het veld. Het doel: het Alonso-effect kunnen evenaren, maar dan met eigen middelen.









