De tien Formule 1-teams hebben in Bahrein de eerste tests van het nieuwe seizoen afgerond. Op het Bahrain International Circuit verzamelden de teams drie dagen lang data voor afstelling, betrouwbaarheid en bandengebruik. De timing valt samen met de voorbereiding op de openingsrace, die op hetzelfde circuit wordt verreden. Dit is de stand van zaken na de eerste meters.
Red Bull zet de toon
Red Bull werkte een strak programma af met de RB20. Max Verstappen en Sergio Pérez reden veel ronden en lieten hoge constantheid zien in langere runs. De auto oogde stabiel in snelle bochten en leverde vroege referentietijden op, vooral in de koelere avonduren.
De krachtbron en koeling leken goed onder controle, ook tijdens racesimulaties. Op basis van het tempo en de betrouwbaarheid ligt Red Bull vooralsnog op koers voor een sterke seizoensstart.
Ferrari en Mercedes dichterbij
Ferrari toonde met de SF-24 een beter beheersbare auto dan vorig jaar. Charles Leclerc en Carlos Sainz konden langer constant doorrijden, met minder bandenslijtage op de medium en harde compounds. De éénrondetijden waren competitief zonder zichtbare risico’s in de afstelling.
Mercedes werkte vooral aan balans en tractie met de W15. Lewis Hamilton en George Russell rapporteerden een voorspelbaardere achteras en minder stuiteren op hoge snelheid. Het team legde de basis voor finetuning richting kwalificatie- en racesimulaties.
McLaren en Aston Martin
McLaren zette veel kilometers op de teller met de MCL38. Lando Norris en Oscar Piastri trainden startprocedures en langere stints, en de auto kwam beter tot zijn recht in snelle secties. Het team richtte zich zichtbaar op betrouwbaarheid en herhaalbare runs.
Aston Martin presenteerde een solide AMR24 met consistente rondetijden. Fernando Alonso en Lance Stroll konden programmatisch werken, waarbij de auto vooral in de middensector constant presteerde. Het tempo over een enkele ronde en in langere runs lag dicht bij de subtop.
Middenveld en aandachtspunten
RB (Visa Cash App RB) bouwde gestaag aan tempo en afstelling, met nette stints en weinig oponthoud. Sauber en Williams verzamelden veel data, al gingen er momenten verloren door kleine technische ingrepen. Bij beide teams lag de focus op stabiliteit bij remmen en tractie uit langzame bochten.
Haas concentreerde zich op racesimulaties en bandenslijtage, een zwak punt in het vorige seizoen. De langere runs waren beheerst, met minder verval in de slotronden. Alpine had werk aan balans en topsnelheid; het team zocht naar een betere verdeling tussen grip in bochten en efficiëntie op de rechte stukken.
Banden en baanomstandigheden
Pirelli leverde de vijf droge compounds (C1 t/m C5). Bahrein is bandenslijtend door het ruwe asfalt en de remzones, waardoor teams vooral op de medium en harde banden reden. In de koelere avonduren daalden de rondetijden zichtbaar, wat relevant is voor de kwalificatie en de nachtrace.
De wind en veranderende baantemperatuur maakten vergelijking van runs lastig, maar gaven wel een realistisch beeld voor de openingsrace. Teams letten daarbij op tractie uit langzame hoeken, remstabiliteit en de gripopbouw na pitstops.
Regels en voorbereiding
De testdagen vallen onder FIA-regels: per team mag slechts één auto tegelijk rijden, met uitgebreide meetapparatuur voor dataverzameling. DRS is toegestaan op de gebruikelijke zones van het circuit. Teams gebruikten die ruimte om zowel kwalificatie- als racesimulaties te combineren.
De stap volgt op een winter waarin updates vooral gericht waren op betrouwbaarheid, bandemanagement en aerodynamische efficiëntie. Met de eerste gegevens uit Bahrein zetten de teams de laatste stap richting de openingsrace op hetzelfde circuit.









